Trouwdag

Negenenveertig jaar geleden ( wij waren twee broekies ,ik net twintig en Ton drieĆ«ntwintig ) trouwden we nadat we drie en een half jaar ” verkering” hadden gehad , de uitzet bij elkaar gespaard was en ons kleine benedenhuis was ingericht met meubeltjes die in die tijd populair waren. Een dressoir van palissanderhout , een witte eethoek met een tafelblad van palissanderhout en oranje bekleding tegen een donkergroene wand.
Ton was in die tijd woningstoffeerder. Overal waar hij een trap had bekleed nam hij de restjes vloerbedekking mee en daarmee had hij de entree voor ons huisje bekleed.
Van onze uitzetkist maakte Ton een zitbank en met twee rotan stoeltjes was het helemaal af.
Trouwen zonder trouwjurk en kostuum was in die tijd onbestaanbaar .
Mijn trouwjurk van 400 gulden was een rib uit ons lijf maar Ton huurde een kostuum waarmee we de kosten konden drukken.

We gaven een bescheiden feest voor tachtig personen. Dat is in Twente bescheiden, in die tijd werden hier namelijk daverende bruiloften gehouden en hoe meer mensen je uitnodigde hoe beter je feest.
We voelden ons de koning te rijk in ons kleine huisje waarvan de huur vijfenveertig gulden per maand bedroeg.
Toen de bruiloft betaald was hadden we nog geld over voor een wasmachinešŸ„‚, wat een luxe.
Die wasmachine kwam in het schuurtje te staan want in het huisje was geen plaats.
Als we s.avonds naar bed gingen kropen we tegen elkaar en zeiden ” heerlijk, nu zijn we altijd bij elkaar “en dat doen we nu nog.